Printervriendelijke versie  Meerdere pagina's afdrukken

Springbok » Dier

Toen de Nederlanders in 1652 aankwamen in Kaap De Goede Hoop, merkten ze een kudde dieren die sterk geleken op de bok en op een eigenaardige manier sprongen toen ze wegliepen.  Met duidelijke reden doopten ze deze dieren met de naam: springbok. 

Springbokken (Antidorcas marsupiales) zijn elegante middelgrote antilopes. Ze hebben een okerkleurige vacht met een witte streep op hun flank.  Door herhaaldelijk hoog te springen, slagen ze erin jachtluipaarden en leeuwen te verwarren.

Schouderhoogte: 78-84cm
Gewicht: 36-50kg
Dracht: 160 dagen

Beide geslachten hebben hoorns die liervormig en geribbeld zijn; de hoorns van de mannetjes zijn zwaarder en langer dan die van de vrouwtjes. De springbok leeft in habitats gaande van droge streken in de Kalahariwoestijn, tot dorre streken in de Namibwoestijn.  Ze zien zeer goed en zijn echte kuddedieren.  Wanneer ze zich op snelheid voortbewegen, springen ze met gestrekte poten, op een elegante manier, waarbij de hoeven gebald worden. 

Dieet: jonge scheuten en grassen.  Wortels, bolgewassen, korte grassen en bladeren behoren tot het voedselgamma.  Kunnen zonder water, maar zullen toch regelmatig drinken als er water in de buurt is.